Het gevaar van anti-stedelijke adviseurs: casus Venlo

(verscheen eerder in ROmagazine.nl 10 september 2015

 

Nederland kent sinds de Woningwet (1901) een sterk anti-stedelijke planningstraditie. De kwaliteit van de woningbouw werd expliciet een taak van de overheid. Die kon nu flink uitpakken met sociale hervormingen. De chaotische, vrijzinnige ad hoc stadsuitbreiding van de 19de-eeuw werd aan banden gelegd. De Woningwet gaf ruimte het bouwblok tot in de puntjes te reguleren en te ontwerpen. Dat bouwblok moest, kort gezegd, zo afzijdig mogelijk gehouden worden van het stadse rumoer. Geen voorzieningen anders dan collectieve en hier en daar een bakkerij of groenteboer op de hoek. Vooral geen café. Economische ontmenging is dan doel geworden, zoals blijkt uit het prachtige Hollands bouwblok en publiek domein. Model, regel en ideaal (2010) van Susanne Komossa.

 Na de Tweede Wereldoorlog ontstaan de functionalistische woonwijken rond de stad waar elke vorm van stedelijkheid in de kiem werd gesmoord. Met de Tweede Nota Ruimtelijke Ordening komen de gebundelde deconcentratie en groeikernen rond de oude steden ten uitvoer. De Vinex-dogmatiek volgt enkele decennia later.

Gevolg is dat ons land geen grote steden kent, maar wel heel veel suburbane woonmilieus. Dat komt slecht uit in een tijd dat steden als motor van de kenniseconomie functioneren. Nederland heeft internationaal dus een enorme achterstand in te halen.

Het is dan ook verontrustend dat het anti-stedelijk denken niet alleen tot een achterstallige ruimtelijke constellatie van Nederland heeft geleid, maar ook genetisch gecodificeerd lijkt in de hoofden van te veel invloedrijke ruimtelijke adviseurs. In het recent verschenenSocio-Economic Segregation in European Capital Cities van onder anderen Maarten van der Ham (TU Delft) en Sako Musterd (UvA) overschatten de auteurs het toekomstige vertrek uit de stad by choice van de middenklasse! Ze kunnen zich niet voorstellen dat gezinnen met kinderen uit vrije wil in de stad blijven wonen. Dat moet wel aan de crisis liggen dat sinds 2008 het aandeel en het absolute aantal gezinnen met kinderen in bijvoorbeeld Amsterdam flink is gestegen. Dat in de VS de crisis al lang voorbij is en gezinnen de succesvolle steden toch niet meer verlaten, brengt hen blijkbaar niet op andere gedachten. Verder zijn ze blijkbaar onbekend met onderzoek van de gemeente Amsterdam waaruit blijkt dat het (dalend) aantal gezinnen die de stad verlaten dat om negatieve redenen doen: de woning is te duur of te klein (A’dam en E.V.A. zoeken een woning; 2011).

 In ROm mochten we 20 augustus lezen dat de beschrijvers van de mondiale trek naar de steden ‘diepgelovigen’ zijn en eigenlijk tot een sekte behoren. Feiten en cijfers zouden er niet meer toe doen bij deze sekteleden. Als ik het betoog goed begrijp dan zijn de hoge m2-prijzen in Amsterdam, Utrecht, Londen, New York, Brussel enzovoorts het gevolg van het feit dat mensen massaal de stad willen verlaten. Tsja?!

Een reactie van een Amsterdamse collega op dat blog wil ik hier graag nog eens herhalen:

“Jammer dat [de auteur] anderen verwijt de cijfers niet te kennen en dan zelf zo opzichtig stuntelt, want het debat is de moeite waard. De laatste jaren doen bewoners, banen en voorzieningen iets wat ze volgens de regionale structuurvisies niet mogen doen, namelijk zich concentreren in steden. Hoe lang gaat dat goed? Moeten we de plannen aanpassen of de mensen, banen en voorzieningen het weiland in sturen?”

Het anti-stedelijk gelamenteer van vele invloedrijke adviseurs, remt de groei van Amsterdam en (dus) de groei van de Nederlandse economie.

Het anti-stedelijk gelamenteer van vele invloedrijke adviseurs, remt de groei van Amsterdam en (dus) de groei van de Nederlandse economie.

Een volgende reactie op het blog in ROm was van andere aard: waarom gaat het steeds over Amsterdam? Laten we eens kijken wat het advies van de anti-stedelijken aan bijvoorbeeld Venlo te weeg zou brengen.
Venlo heeft een vooraanstaande positie in de hightech-maakindustrie en agro-techniek. De agro-sector is qua R&D nog relatief klein maar wordt gestimuleerd vanuit nieuwe opleidingen van de HAS (Hogere Agrarische School en de Universiteit Maastricht). De stad heeft een goede en groeiende basis wat betreft hoger onderwijs. Venlo stijgt op de sociaaleconomische index van de Atlas voor Gemeenten en laat een lichte stijging van de werkgelegenheid zien.

Maasboulevard in Venlo

Dat niet alleen. Venlo is een historische stad waar de stedenbouwkundige structuur zo fijnmazig is dat de centrale delen van de stad kunnen uitgroeien tot een interactiemilieu waar een veelheid en veelsoortigheid aan voorzieningen voor handen is, waar men om de hoek van die ‘stedelijkheid’ kan wonen, en waar de openbare ruimte hoogwaardig en onderscheidend is.

Met de afgeronde projecten aan de Maasoever heeft Venlo haar koers naar een kennisstad verankerd. De centrumfuncties van Venlo zijn verstevigd en de relatie met de Maasoevers als openbare ruimte is nieuw leven in geblazen. Het verdichten van de binnenstad tot centrummilieu (Q4-project) moet gezien worden als een verdere bestendiging van die koers.

Maar een kennisstad heeft massa en diversiteit nodig! De bevolkingsprognoses voor Venlo zijn echter weinig hoopvol. Toekomstige krimpregio! Toch blijkt dat Venlo een stuwmeer aan studenten kent die graag in een centrumstedelijk milieu als Q4 willen wonen. Die wens werd tot voor kort nauwelijks geaccommodeerd of gestimuleerd. De meerderheid van die studenten gaf zelfs aan na hun opleiding in de stad te willen blijven wonen. Tel uit je winst. Datzelfde geldt voor de nu nog aarzelende groep starters onder de huidige bevolkingsgroepen in Venlo (onderzoek RIGO 2013). Omdat het centrummilieu nog niet omvangrijk en gevarieerd genoeg is, verkiezen velen de goedkopere en grotere woningen in het weiland ‘om de hoek’. Maar bij toenemend aantal centrumstedelijke bewoners, zal het voorzieningenniveau verbeteren en zullen veel twijfelaars hun wens in de stad te wonen in vervulling zien gaan. Dat zal de aandacht trekken van stedelijk georiënteerde huishoudens van elders. Het multipliereffect moge duidelijk zijn. Als dan in de toekomst prachtige gebouwen als de INOVA-toren niet enkele kilometers buiten de stad maar aan een van de Maasoevers zullen staan (wat ook de bedoeling van architect Coenen was), worden de effecten nog krachtiger.

inova toren venlo

Toch zijn er in de regio Venlo veel ontwikkelaars die grondgebonden woningen in de weilanden willen bouwen, al dan niet geadviseerd door de anti-stedelijken. Dat zou dodelijk zijn voor stad en regio.


Monique.Amkreutz schreef:

Jaren geleden woonde ik nog in Heerlen. Toen al wist je dat het maankwartier er koste wat kost zou moeten komen. Lang voordat de crisis begon. Een prestige kwestie? Laten we hopen dat het Heerlen een stapje verder brengt. Ik betwijfel het!

André schreef:

Weet je Monique, als je niets doet gebeurt er ook niets…

Het helpt natuurlijk geen mallemoer om een deels leegstaand megaproject in een stad met bovenmatig veel laagstand te bouwen, wat gespeend is van functionaliteit en stedenbouwkundige kwaliteit. Huisman een architect? Alsof je Sven Cramer opstelt als spits van Barcelona Football Club………Doordrenkt van prestige, dit overbodige plan. Verder zal dat Mijnwater als energiemonopolie ook niet echt helpen. Pure geldverkwisting!

Komt nog bij dat de ontsluiting met de zuidzijde van de stad er niet komt omdat de beoogde hotelbelegger geen cent te makken heeft en het als doorverkoopobject heeft aangekocht met een lege B.V..

Amsterdam is uniek om zijn scheggen en wordt daar terecht voor geprezen. Niet aan morrelen zou ik zeggen. Of volkstuinen daar in thuishoren is inderdaad een terechte vraag. Maar dat betekent toch niet dat je die ruimte direct moet volbouwen? Natuurlijk blijft Groengebied Amstelland om de hoek liggen, maar toch ook weer iets verder en de verbinding wordt weer zwakker. Een groene Scheg die tot diep de bebouwing van Amsterdam in loopt heeft ongekende waarden. Toen ik in de Afrikaander buurt woonde kon ik langs de Amstel binnen tien minuten naar een boer fietsen voor verse melk. Onderweg reed ik door het groen en vergat de drukte van de stad terwijl ik de weidevogels hoorde. Amsterdam een stad die verbonden is met de veenweiden er omheen. Onbetaalbaar. Probeer dat beeld in stand te houden.

e van hagen schreef:

Zou je niet eerst eens gaan kijken voor je dit soort dingen over Amstelglorie schrijft? 40% van het park is openbaar, het heeft reeds meerdere buurtfuncties en of het natuur is?? Ga eens kijken.

Harrie schreef:

U draait de zaken om: De buurten rond de Van Woustraat zijn geen succes “dankzij de drukte van de Van Woustraat”, maar “ondanks de drukte van de Van Woustraat”.

Joop Moes schreef:

Als je op de kaart de groene scheg bekijkt zie je dat in de loop van vele jaren de groene scheg langzaamaan is opgeknabbeld (Overamstel 1 en Amstelkwartier).. Amstelglorie is nu met het Oeverbos de kop van de Amstelscheg geworden. Die kop afhakken is een doodzonde. Ook doet de stelling afbreuk aan de sociale functie van het volkstuinieren dat daar al 65 jaar plaats vindt en de populariteit van de bevolking (want de wachtlijst is met zo groot als het aantal tuinen). Dus afblijven van Amstelglorie.

Smithd348 schreef:

Im not that much of a online reader to be honest but your blogs really nice, keep it up! I’ll go ahead and bookmark your site to come back later. Cheers beefbdckfebkfebc

Ja, de natuur met biodiversiteit in de Amstelscheg is inderdaad niet zo maar vervangbaar, zeker niet door een monotoon strookje kaalgeschoren gras evenwijdig aan de Amstel zoals op de foto hierboven te zien is.

Dat de Van Woustraat/Rijnstraat in bovenstaande tekst wordt bejubelt als prettige rustige voorbeeldstraat is mij een raadsel. De verkeerssituatie is zo problematisch dat de gemeente Amsterdam deze straat al jaren aan het verbeteren is. Het is een drukke straat met een tram en veel soorten verkeer. Tot de Utrechtsebrug is de straat onderdeel van Plus net fiets en over de brug Plus net auto.

Ik mis onderbouwing van de bewering dat het Volkstuincomplex Amstelglorie een rare groene vlek zou zijn.

J. Bret schreef:

Wat ik mij afvraag is waarom er niet rondom de volkstuin parken wordt gebouwd. Je kan de complexen iets meer als een park inrichten met hier en daar een verblijfruimte en ze als park incorporeren. Jeanine Bret.

Willem Boterman schreef:

Mooi Jos, ik heb ook van Jacques’ colleges genoten.


Geef een reactie

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd