Berlijn bewijst dat theorie van ‘rust versus drukte’ klopt

(deze blog verscheen 28 augustus 2014 in ROmagazineNL)

Is Berlijn een mooie stad? Over schoonheid wordt per definitie getwist, maar als je deze stad aandoet na een bezoek aan Kraków ben je geneigd ontkennend te antwoorden. Maar in tegenstelling tot Kraków is Berlijn behoorlijk gebombardeerd, en in de wederopbouw van Berlijn was kwaliteit ondergeschikt aan kwantiteit. Met als resultaat intersubjectieve lelijkheid. Maar, het kon niet anders.

Met deze verklaring voor lelijkheid is de toon voor Berlijnse schoonheid gezet. Die schoonheid is voor een groot deel de zware adem van de geschiedenis die uit bijna alle gebouwen blaast. De kogelgaten zijn na de Wende weliswaar veelal opgevuld, maar voor de goede waarnemer nog duidelijk zichtbaar. De voormalige Reichstag mag dan prachtig gerestaureerd zijn om een nieuwe rol in de Duitse geschiedenis te gaan spelen, hij dwingt de passant nog steeds zijn bewogen curriculum op. Dat geldt voor vele gebouwen, waarvan de Brandenburger Tor, Fernsehturm, Olympiagelände, de voormalige Stasi-gevangenis in Hohenschönhausen en de restanten van de Hochbunker in de Pallasstraβe de bekendste zijn. Maar ook veel plekken (als de Wannsee), of simpelweg straatnamen als Straβe des 17. Juni rochelen bloedige historie.

De moderne westerse geschiedenis is in Berlijn in fysieke vorm neergeslagen en daarom juist in deze stad zo intens te beleven. Wandelingen roepen keer op keer verschillende beladen momenten uit de laatste 150 jaren als vanzelf op. Loop je een hoek om dan bots je weer op een ander fase uit het recente verleden. In menige Eckkneipe zijn aan stamgasten nog verhalen te ontfutselen over Nachkriegszeit, Mauerbau en Wende. Geschiedenis leeft in Berlijn, en dringt zich tot in de kleinste vezels van je lijf aan je op. Telkens weer.

Is Berlijn daarmee een stad die in het verleden leeft? Allesbehalve. Ik ken geen Europese stad met meer dynamiek. En dat is meteen de tweede verklaring voor Berlijns schoonheid. De stad ontwikkelt zich razendsnel. Nog geen vijf jaar geleden ontbeet ik op een zondagochtend met een Berlijnse collega in een café aan de Annemirl-Bauer-Platz nabij Ostkreuz. Een rafelrand destijds. Op zoek naar dat café stuitte ik vorige week op een hip pocketpark met meerdere horecagelegenheden nabij Ostkreuz dat aan een gigantische transformatie onderhevig is. Complete gedaanteverwisseling binnen vijf jaar! Dat is razendsnel. En deze plek is niet de enige in transitie. Het zijn er teveel om op te noemen. Hijskranen zwiepen heen en weer. De stad is eine Baustelle. Gentrificatie is in Berlijn een razendsnel uitrollend proces.

Berlijn (3,5 miljoen inwoners) groeit gigantisch met de laatste jaren gemiddeld 30.000 inwoners per jaar. Op zich niet zo gek is voor een westerse stad, maar toch opmerkelijk gezien het nog steeds hoge werkloosheidspercentage (14%). De nieuwkomers zijn niet alleen studenten, jongeren en buitenlandse beleggers. De natuurlijke aanwas is de laatste jaren flink gestegen, met name in de ‘hippe’ centrale delen van de stad. En nu kom ik tot het punt dat ik wil maken.

‘Berlijn bewijst dat onze theorie klopt!’. Deze parafrasering van Jane Jacobs’ opmerking over Amsterdam duidt op de door Koos van Zanen en mij in menig beleidsdocument en publicatie vastgelegde constatering dat het succes van steden onder andere is toe te schrijven aan de mogelijkheid rustig te wonen met om de hoek de drukte, levendigheid en voorzieningenrijkdom. Berlijn is een aaneenschakeling van drukke stadsstraten met daarachter prachtige, rustige woonwijken. Loop over de stadstraat Turmstraβe in Moabit met haar veelheid aan (etnische) restaurants, winkels, bakkers enzovoorts, sla dan de Waldstraβe in en wandel door de aangrenzend straten. Een groene maar dichtbebouwde oase met spelende kinderen op straat en op speelplekken, inclusief Grundschule en hier en daar een restaurant of dienstverlenend bedrijf.

Bezoek het historisch beladen Rathaus Schöneberg en wandel via de drukke, lawaaierige, levendige Hauptstraβe door naar de Crellestraβe. Als je deze laatste straat instapt merk je dat na nog geen 25 meter het lawaai van de stadstraat niet meer te horen is. Prachtige 19de eeuwse (gesloten) woonblokken, met een enkele voorziening in de plint, kinderen op straat, groene speelplekken en hier en daar een terras voor lunch of ontbijt. Volgens Berlijnkenner Vincent Kompier is het kindvriendelijke Schöneberg sowieso het best bewaarde geheim van Berlijn. Maar er zijn vele, vele Wald- en Crellestraβen in zowel het westelijk als oostelijk deel van Berlijn. Veelal is het de niet gebombardeerde of herstelde 19de eeuwse bebouwing grenzend aan een stadstraat die garant staat voor succes. Bekijk de Diefenbachstraβe in Kreuzberg of de Oderbergerstraβe in Prenzlauer Berg. En ik kan nog wel even doorgaan.

Natuurlijk, ook Berlijn voldoet aan de andere condities voor een succesvolle stad: een hoge mate van functiemix en een omvangrijke (groeiende) bevolking. Het dringt nu ook eindelijk door in de hogere economische echelons. Niemand minder dan Coen Teulings stelde in NRC Handelsblad van 20 augustus jongstleden juist Berlijn als voorbeeld van een stad die door een hoge concentratie aan mensen in een compacte ruimtelijke setting succesvol is. Let op zijn woorden: “wie de toegang tot dit succes afkapt, richt een ramp aan”!!

En zo is het maar net. Berlijn is een voorbeeld voor Nederlandse steden. In Berlijn geen klachten over een enkele terras in de woonbuurt, laat staan over scholen in de woonwijk. Berlijn is al ruim honderd jaren een wereldstad. De Nederlandse stadsbewoners mekkeren over ieder kind dat wat te hard schreeuwt, of de toerist die verdwaald en aarzelend op zijn fiets zit. Nederlandse stadsbewoners moeten nog stedelingen worden. Stedeling worden gaat soms van au, maar dan heb je ook wat. Berlijn kan daarover als geen ander meepraten.


Monique.Amkreutz schreef:

Jaren geleden woonde ik nog in Heerlen. Toen al wist je dat het maankwartier er koste wat kost zou moeten komen. Lang voordat de crisis begon. Een prestige kwestie? Laten we hopen dat het Heerlen een stapje verder brengt. Ik betwijfel het!

André schreef:

Weet je Monique, als je niets doet gebeurt er ook niets…

Het helpt natuurlijk geen mallemoer om een deels leegstaand megaproject in een stad met bovenmatig veel laagstand te bouwen, wat gespeend is van functionaliteit en stedenbouwkundige kwaliteit. Huisman een architect? Alsof je Sven Cramer opstelt als spits van Barcelona Football Club………Doordrenkt van prestige, dit overbodige plan. Verder zal dat Mijnwater als energiemonopolie ook niet echt helpen. Pure geldverkwisting!

Komt nog bij dat de ontsluiting met de zuidzijde van de stad er niet komt omdat de beoogde hotelbelegger geen cent te makken heeft en het als doorverkoopobject heeft aangekocht met een lege B.V..

Amsterdam is uniek om zijn scheggen en wordt daar terecht voor geprezen. Niet aan morrelen zou ik zeggen. Of volkstuinen daar in thuishoren is inderdaad een terechte vraag. Maar dat betekent toch niet dat je die ruimte direct moet volbouwen? Natuurlijk blijft Groengebied Amstelland om de hoek liggen, maar toch ook weer iets verder en de verbinding wordt weer zwakker. Een groene Scheg die tot diep de bebouwing van Amsterdam in loopt heeft ongekende waarden. Toen ik in de Afrikaander buurt woonde kon ik langs de Amstel binnen tien minuten naar een boer fietsen voor verse melk. Onderweg reed ik door het groen en vergat de drukte van de stad terwijl ik de weidevogels hoorde. Amsterdam een stad die verbonden is met de veenweiden er omheen. Onbetaalbaar. Probeer dat beeld in stand te houden.

e van hagen schreef:

Zou je niet eerst eens gaan kijken voor je dit soort dingen over Amstelglorie schrijft? 40% van het park is openbaar, het heeft reeds meerdere buurtfuncties en of het natuur is?? Ga eens kijken.

Harrie schreef:

U draait de zaken om: De buurten rond de Van Woustraat zijn geen succes “dankzij de drukte van de Van Woustraat”, maar “ondanks de drukte van de Van Woustraat”.

Joop Moes schreef:

Als je op de kaart de groene scheg bekijkt zie je dat in de loop van vele jaren de groene scheg langzaamaan is opgeknabbeld (Overamstel 1 en Amstelkwartier).. Amstelglorie is nu met het Oeverbos de kop van de Amstelscheg geworden. Die kop afhakken is een doodzonde. Ook doet de stelling afbreuk aan de sociale functie van het volkstuinieren dat daar al 65 jaar plaats vindt en de populariteit van de bevolking (want de wachtlijst is met zo groot als het aantal tuinen). Dus afblijven van Amstelglorie.

Ja, de natuur met biodiversiteit in de Amstelscheg is inderdaad niet zo maar vervangbaar, zeker niet door een monotoon strookje kaalgeschoren gras evenwijdig aan de Amstel zoals op de foto hierboven te zien is.

Dat de Van Woustraat/Rijnstraat in bovenstaande tekst wordt bejubelt als prettige rustige voorbeeldstraat is mij een raadsel. De verkeerssituatie is zo problematisch dat de gemeente Amsterdam deze straat al jaren aan het verbeteren is. Het is een drukke straat met een tram en veel soorten verkeer. Tot de Utrechtsebrug is de straat onderdeel van Plus net fiets en over de brug Plus net auto.

Ik mis onderbouwing van de bewering dat het Volkstuincomplex Amstelglorie een rare groene vlek zou zijn.

J. Bret schreef:

Wat ik mij afvraag is waarom er niet rondom de volkstuin parken wordt gebouwd. Je kan de complexen iets meer als een park inrichten met hier en daar een verblijfruimte en ze als park incorporeren. Jeanine Bret.

Willem Boterman schreef:

Mooi Jos, ik heb ook van Jacques’ colleges genoten.

Agnes schreef:

Over Heerlen gesproken.
Toevallig een stukje station gezien… Verbaasd verwonderd!!!
Niet veel tijd.maar kwam bewust
een keer terug om te kijken.
En was erg onder de indruk over
Zo veel schoonheid prachtig.
Ging zitten op het oude café dat er mooi verzorgd uit zag, en genoot, al pratende met enkele toevallige medebewonderaars.
Daarna wandelend door de straat
Waar etalages en niets er verzorgd uit zag waar een onderneemster mij bijna kwaad
aan keek om dat ik het waagde
Het station mooi te vinden.
Dat was 2019 20 ik weet niet hoe het nu is???
Maar ik hoop nog vaak zoiets moois te zien wat m’n hart raakt.


Geef een reactie

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd