Toerisme aan de Amsterdamse Ring

Toerisme aan de Amsterdamse Ring

In een van de eerste bijeenkomsten met de jongens van het toenmalige Amsterdam City Marketing over de slogan I Amsterdam heb ik hen hartelijk uitgelachen. Ze gaven geen krimp, en enkele maanden later sierden de letters verschillende sites in onze stad. Nooit heb ik een grotere inschattingsfout gemaakt. Ikzelf heb nog steeds niks met die slogan, maar who cares? De fysieke verschijningsvorm van I Amsterdam is het meest gefotografeerde stukje stad. De keren dat ik door toeristen ben gevraagd een foto van hen te nemen met de letters op de achtergrond zijn legio. Van de twee oogverblind mooie jonge Françaises bij het Koninklijk Instituut voor de Tropen tot het vriendelijke renteniersechtpaar uit Vancouver op het Museumplein. Waarom is het zo’n voor mij volledig onverwacht succes geworden?

Eigenlijk simpel. Amsterdam heeft geen iconisch gebouw! Parijs heeft de Eiffeltoren; Brussel het Atomium; Berlijn de Brandenburger Tor; Londen The Tower Bridge, Westminster, Big Ben en de London Eye; New York het verdwenen en herrezen WTC-gebouw, de skyline, Empire State Building enzovoorts. Amsterdam heeft niks. Het Paleis op de Dam heeft enkel nationale uitstraling. We hebben geen gebouw of fysiek icoon waar ze in het buitenland van achterover slaan.

Ik ben de laatste die Amsterdam ziet als een groot dorp. Integendeel. Amsterdam is een wereldstad. Daarover geen discussie. En onze toeristische attracties zijn eenmalig en uniek: de fabelachtige grachtengordel, de concentratie aan culturele topattracties aan het Museumplein, en de toegankelijke en diverse sociale ambiance. Het geheel van deze drie is bovendien nog eens meer dan de som der delen. Maar: niet in een kiekje te vangen. Totdat de gladgeschoren jongens in pak onder mijn hoongelach hun ei van Columbus presenteerden. Geniaal.

En ik heb er ook nog iets van geleerd. Een kleine ruimtelijke interventie kan grote toeristische gevolgen hebben. Met die instelling stapt DRO met EZ, BMA en Bureau Werelderfgoed in het project duurzaam toerisme. Het gaat daarbij niet alleen om de grote instituties, maar ook om de kleinere ondernemer. Neem het Ramada hotel aan de Jan Evertsenstraat. Bijna driekwart van het personeel komt uit de directe omgeving. De horeca in het vanuit het hotel gezien oostelijk deel van de Jan Evertsenstraat geeft aan te profiteren van de hotelgasten. Het Ramada is een succesvol voorbeeld van het spreiden van hotels in Amsterdam. Kortom, het maatschappelijk nut van deze parel staat buiten kijf. Daar komt nog eens bij dat het hotel zich opent naar de stad met een prachtig café en restaurant op de 17de verdieping (Floor 17) en een openbaar toegankelijk dakterras.

Maar het hotel kampt ook met problemen. In de nachtelijke uren is de omgeving onveilig, en niet alleen vanwege de heroïneprostitutie in met name de Admiraal Helfrichstraat. Het aanpalende (onzichtbare) Rembrandtpark is (mede hierom) een relatief onveilig park, met bijna geen voorzieningen of attracties. Hotelgasten worden geadviseerd het Vondelpark te bezoeken: veel leuker en veiliger! Die paar onherbergzame meters tussen het Ramada hotel en het Mercatorplein zijn bepalend voor de ontwikkelingen van hotel, hotelschool en andere ondernemingen aan de straat richting Sloterplas.

Het hotel (en anderen) hebben ideeën zat en zelfs geld om het Rembrandtpark te restylen naar moderne parkbehoeftes. Als dit gepaard gaat met transformatie van vastgoed en ruimte aan de Admiraal Helfrichstraat worden het Ramada hotel en de Haagse Hotelschool aan de vooroorlogse stad vastgekit. Daarmee breidt de urban fabric met stukjes en beetjes uit. De drukte in het Vondelpark vloeit deels af naar het Rembrandtpark. Floor 17 en het dakterras worden onderdeel van ‘de binnenstad’ van Amsterdam. De Sloterplas ligt ineens nog dichter bij de stad. Het serieus nemen van ondernemers als die van het Ramada hotel is van net zo grote betekenis voor het ‘toeristisch product Amsterdam’ als Park 21. Misschien nog wel van grotere importantie.


Monique.Amkreutz schreef:

Jaren geleden woonde ik nog in Heerlen. Toen al wist je dat het maankwartier er koste wat kost zou moeten komen. Lang voordat de crisis begon. Een prestige kwestie? Laten we hopen dat het Heerlen een stapje verder brengt. Ik betwijfel het!

André schreef:

Weet je Monique, als je niets doet gebeurt er ook niets…

Het helpt natuurlijk geen mallemoer om een deels leegstaand megaproject in een stad met bovenmatig veel laagstand te bouwen, wat gespeend is van functionaliteit en stedenbouwkundige kwaliteit. Huisman een architect? Alsof je Sven Cramer opstelt als spits van Barcelona Football Club………Doordrenkt van prestige, dit overbodige plan. Verder zal dat Mijnwater als energiemonopolie ook niet echt helpen. Pure geldverkwisting!

Komt nog bij dat de ontsluiting met de zuidzijde van de stad er niet komt omdat de beoogde hotelbelegger geen cent te makken heeft en het als doorverkoopobject heeft aangekocht met een lege B.V..

Amsterdam is uniek om zijn scheggen en wordt daar terecht voor geprezen. Niet aan morrelen zou ik zeggen. Of volkstuinen daar in thuishoren is inderdaad een terechte vraag. Maar dat betekent toch niet dat je die ruimte direct moet volbouwen? Natuurlijk blijft Groengebied Amstelland om de hoek liggen, maar toch ook weer iets verder en de verbinding wordt weer zwakker. Een groene Scheg die tot diep de bebouwing van Amsterdam in loopt heeft ongekende waarden. Toen ik in de Afrikaander buurt woonde kon ik langs de Amstel binnen tien minuten naar een boer fietsen voor verse melk. Onderweg reed ik door het groen en vergat de drukte van de stad terwijl ik de weidevogels hoorde. Amsterdam een stad die verbonden is met de veenweiden er omheen. Onbetaalbaar. Probeer dat beeld in stand te houden.

e van hagen schreef:

Zou je niet eerst eens gaan kijken voor je dit soort dingen over Amstelglorie schrijft? 40% van het park is openbaar, het heeft reeds meerdere buurtfuncties en of het natuur is?? Ga eens kijken.

Harrie schreef:

U draait de zaken om: De buurten rond de Van Woustraat zijn geen succes “dankzij de drukte van de Van Woustraat”, maar “ondanks de drukte van de Van Woustraat”.

Joop Moes schreef:

Als je op de kaart de groene scheg bekijkt zie je dat in de loop van vele jaren de groene scheg langzaamaan is opgeknabbeld (Overamstel 1 en Amstelkwartier).. Amstelglorie is nu met het Oeverbos de kop van de Amstelscheg geworden. Die kop afhakken is een doodzonde. Ook doet de stelling afbreuk aan de sociale functie van het volkstuinieren dat daar al 65 jaar plaats vindt en de populariteit van de bevolking (want de wachtlijst is met zo groot als het aantal tuinen). Dus afblijven van Amstelglorie.

Ja, de natuur met biodiversiteit in de Amstelscheg is inderdaad niet zo maar vervangbaar, zeker niet door een monotoon strookje kaalgeschoren gras evenwijdig aan de Amstel zoals op de foto hierboven te zien is.

Dat de Van Woustraat/Rijnstraat in bovenstaande tekst wordt bejubelt als prettige rustige voorbeeldstraat is mij een raadsel. De verkeerssituatie is zo problematisch dat de gemeente Amsterdam deze straat al jaren aan het verbeteren is. Het is een drukke straat met een tram en veel soorten verkeer. Tot de Utrechtsebrug is de straat onderdeel van Plus net fiets en over de brug Plus net auto.

Ik mis onderbouwing van de bewering dat het Volkstuincomplex Amstelglorie een rare groene vlek zou zijn.

J. Bret schreef:

Wat ik mij afvraag is waarom er niet rondom de volkstuin parken wordt gebouwd. Je kan de complexen iets meer als een park inrichten met hier en daar een verblijfruimte en ze als park incorporeren. Jeanine Bret.

Willem Boterman schreef:

Mooi Jos, ik heb ook van Jacques’ colleges genoten.

Agnes schreef:

Over Heerlen gesproken.
Toevallig een stukje station gezien… Verbaasd verwonderd!!!
Niet veel tijd.maar kwam bewust
een keer terug om te kijken.
En was erg onder de indruk over
Zo veel schoonheid prachtig.
Ging zitten op het oude café dat er mooi verzorgd uit zag, en genoot, al pratende met enkele toevallige medebewonderaars.
Daarna wandelend door de straat
Waar etalages en niets er verzorgd uit zag waar een onderneemster mij bijna kwaad
aan keek om dat ik het waagde
Het station mooi te vinden.
Dat was 2019 20 ik weet niet hoe het nu is???
Maar ik hoop nog vaak zoiets moois te zien wat m’n hart raakt.


Geef een reactie

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd