Turmoil in the City

verscheen 8 maart op ROmagazine.nl

 

‘Turmoil in the city’. Een mooie, krachtige omschrijving voor de onrust, opwinding, herrie en verwarring in de stad. Wat is er allemaal aan de hand?

Hoogleraar (problematiek van de grote steden) Zef Hemel droomt de derde Gouden Eeuw van Amsterdam en koerst af op 2,5 miljoen inwoners voor de stad. Anderen daarentegen kraaien victorie door te wijzen op de uitstroom van Amsterdammers (netto binnenlandse migratie nam in 2015 af). “Mensen willen weer een huis met een tuin en rust” is de samenvattende conclusie van de ‘trendwatchers’ die relativerende data-analyses van wetenschappers als Willem Boterman (“een deel vertrekt, maar hoogopgeleide gezinnen blijven in de stad wonen”) en Jan Latten (“inhaaleffect”) in de wind slaan.

 

Een ander onruststoker is de drukte die in kosmopolitische steden een deel van de bewoners tot schuimbekken brengt. Zij mobiliseren plaatselijke kranten en verwarde burgers om de lokale overheden tot drastische ingrepen te dwingen.

Drukte komt niet als vanzelf: het succes van de stad lokt. Er worden legio ‘oplossingen’ bedacht. Maar welke hebben effect en laten de succesmotor soepel doorlopen?

 

En dan die tweedeling. Er zijn groepen en wijken die achterblijven bij de recente economische groei in die steden. Dat is volgens velen niet eerlijk. Als ik de tweets van Jaap Modder goed begrijp dan wordt het toekomstige verval van perifere steden in Nederland veroorzaakt doordat we alle kaarten op Amsterdam richten. Gerard Marlet, Henri de Groot, Wouter Vermeulen en Coen Teulings (niet de minste economen) wijzen er in hun recente boek Groei & Krimp juist op dat door niet de troefkaart Amsterdam te spelen we opgescheept zitten met waterhoofd Almere. Hun analyse komt erop neer dat als de markt in Almere zijn werk had gedaan, het een dorp van maximaal de omvang van Zeewolde zou zijn geweest.

Het spreidingsbeleid van na de oorlog heeft amper positief economisch effect gehad. Maar wel behoorlijk wat negatieve. Zo heeft een stad als Amsterdam onvoldoende woningen gebouwd voor de grote groep hoogopgeleiden die graag in die stad willen wonen, aldus onze economen. Dat heeft negatieve welvaartseffecten gehad. Als er op het grondgebied van het huidige Amsterdam eens zoveel mensen hadden gewoond (zeg het aantal van Zef Hemel), zouden die daar gemiddeld zeven procent meer hebben verdiend!

Economie laat zich niet dwingen. En als economie niet naar de periferie komt, komt de periferie maar naar de centra, moet Heleen Mees gedacht hebben. Haar voorstel om mensen naar de steden in het westen te laten verhuizen, verwekte dan weer wel behoorlijk wat amok.

 

Hoogbouw! Praat de gemiddelde Amsterdammer er niet van. Zelfs jongeren moeten er niet aan denken dat straks, al fietsend door de stad, het zicht op de grachtengordel wordt onttrokken door hoge gebouwen aan de randen van de stad. Maar de appartementen in die hoge torens gaan wel als zoete broodjes over de toonbank.

En dan hebben we het nog niet over de vluchtelingenstroom gehad, die tot voor kort lokale hard core linkse intellectuelen als Philip van Tijn tot uitspraken verleidt die niet misstaan in het oeuvre van Geert Wilders.

 

Groei, uitstroom, arm versus rijk, vreemdelingen, ja zelfs hoogbouw. Ze lagen alle ten grondslag aan de éérste Gouden Eeuw van Amsterdam. Deze verbluffende paralellen worden prachtig beschreven in Russel Shorto’s Amsterdam. Shorto wijdt in zijn tekst uit over de ondertitel: Geschiedenis van de meest vrijzinnige stad ter wereld. De stad was vanwege de desinteresse van feodale heersers in moerasgebied, aangewezen op samenwerking en pragmatische oplossingen. Ideale voedingsbodem voor een liberale groeieconomie. Dat trok vreemdelingen vanuit de verre omtrek met een grote mate aan verscheidenheid tot gevolg. Pragmatisme (iets geheel anders dan een poldermodel) en diversiteit: basisingrediënten voor een Gouden Eeuw. Shorto’s boek lag al op mijn stapel (want zijn boek over New York was een genot om te lezen). Maar het was de econoom Henri de Groot (VU Amsterdam) die me op dat boek wees om de kracht van Amsterdam te leren begrijpen. De droom van Zef Hemel kan wel degelijk werkelijkheid worden, als we ons tenminste niet gek laten maken.


Monique.Amkreutz schreef:

Jaren geleden woonde ik nog in Heerlen. Toen al wist je dat het maankwartier er koste wat kost zou moeten komen. Lang voordat de crisis begon. Een prestige kwestie? Laten we hopen dat het Heerlen een stapje verder brengt. Ik betwijfel het!

André schreef:

Weet je Monique, als je niets doet gebeurt er ook niets…

Het helpt natuurlijk geen mallemoer om een deels leegstaand megaproject in een stad met bovenmatig veel laagstand te bouwen, wat gespeend is van functionaliteit en stedenbouwkundige kwaliteit. Huisman een architect? Alsof je Sven Cramer opstelt als spits van Barcelona Football Club………Doordrenkt van prestige, dit overbodige plan. Verder zal dat Mijnwater als energiemonopolie ook niet echt helpen. Pure geldverkwisting!

Komt nog bij dat de ontsluiting met de zuidzijde van de stad er niet komt omdat de beoogde hotelbelegger geen cent te makken heeft en het als doorverkoopobject heeft aangekocht met een lege B.V..

Amsterdam is uniek om zijn scheggen en wordt daar terecht voor geprezen. Niet aan morrelen zou ik zeggen. Of volkstuinen daar in thuishoren is inderdaad een terechte vraag. Maar dat betekent toch niet dat je die ruimte direct moet volbouwen? Natuurlijk blijft Groengebied Amstelland om de hoek liggen, maar toch ook weer iets verder en de verbinding wordt weer zwakker. Een groene Scheg die tot diep de bebouwing van Amsterdam in loopt heeft ongekende waarden. Toen ik in de Afrikaander buurt woonde kon ik langs de Amstel binnen tien minuten naar een boer fietsen voor verse melk. Onderweg reed ik door het groen en vergat de drukte van de stad terwijl ik de weidevogels hoorde. Amsterdam een stad die verbonden is met de veenweiden er omheen. Onbetaalbaar. Probeer dat beeld in stand te houden.

e van hagen schreef:

Zou je niet eerst eens gaan kijken voor je dit soort dingen over Amstelglorie schrijft? 40% van het park is openbaar, het heeft reeds meerdere buurtfuncties en of het natuur is?? Ga eens kijken.

Harrie schreef:

U draait de zaken om: De buurten rond de Van Woustraat zijn geen succes “dankzij de drukte van de Van Woustraat”, maar “ondanks de drukte van de Van Woustraat”.

Joop Moes schreef:

Als je op de kaart de groene scheg bekijkt zie je dat in de loop van vele jaren de groene scheg langzaamaan is opgeknabbeld (Overamstel 1 en Amstelkwartier).. Amstelglorie is nu met het Oeverbos de kop van de Amstelscheg geworden. Die kop afhakken is een doodzonde. Ook doet de stelling afbreuk aan de sociale functie van het volkstuinieren dat daar al 65 jaar plaats vindt en de populariteit van de bevolking (want de wachtlijst is met zo groot als het aantal tuinen). Dus afblijven van Amstelglorie.

Ja, de natuur met biodiversiteit in de Amstelscheg is inderdaad niet zo maar vervangbaar, zeker niet door een monotoon strookje kaalgeschoren gras evenwijdig aan de Amstel zoals op de foto hierboven te zien is.

Dat de Van Woustraat/Rijnstraat in bovenstaande tekst wordt bejubelt als prettige rustige voorbeeldstraat is mij een raadsel. De verkeerssituatie is zo problematisch dat de gemeente Amsterdam deze straat al jaren aan het verbeteren is. Het is een drukke straat met een tram en veel soorten verkeer. Tot de Utrechtsebrug is de straat onderdeel van Plus net fiets en over de brug Plus net auto.

Ik mis onderbouwing van de bewering dat het Volkstuincomplex Amstelglorie een rare groene vlek zou zijn.

J. Bret schreef:

Wat ik mij afvraag is waarom er niet rondom de volkstuin parken wordt gebouwd. Je kan de complexen iets meer als een park inrichten met hier en daar een verblijfruimte en ze als park incorporeren. Jeanine Bret.

Willem Boterman schreef:

Mooi Jos, ik heb ook van Jacques’ colleges genoten.

Agnes schreef:

Over Heerlen gesproken.
Toevallig een stukje station gezien… Verbaasd verwonderd!!!
Niet veel tijd.maar kwam bewust
een keer terug om te kijken.
En was erg onder de indruk over
Zo veel schoonheid prachtig.
Ging zitten op het oude café dat er mooi verzorgd uit zag, en genoot, al pratende met enkele toevallige medebewonderaars.
Daarna wandelend door de straat
Waar etalages en niets er verzorgd uit zag waar een onderneemster mij bijna kwaad
aan keek om dat ik het waagde
Het station mooi te vinden.
Dat was 2019 20 ik weet niet hoe het nu is???
Maar ik hoop nog vaak zoiets moois te zien wat m’n hart raakt.


Geef een reactie

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd